Bevruchtingkastjes voor Marken

Jaarlijks geven wij imkers in binnen – en buitenland de gelegenheid om hun maagdelijke koninginnen op Marken te laten bevruchten. Wij zorgen er voor dat jaarlijks 30 volken in optimale conditie zijn. Daarnaast bieden wij alle faciliteiten die wij nodig achten voor een degelijk bevruchtingsstation.

Downloads

Het introduceren van een koningin

  1. Wanneer u uw nieuwe koningin ontvangt, legt u een druppel zuiver water op de buitenkant van het kooitje, zodat de werksters het kunnen gebruiken om het suikerdeeg op te lossen. Herhaal dit elke dag zolang het kluisje nog niet in de kast zit. De gekluisde koningin kan enkele dagen buiten het volk overleven, maar hoe eerder zij wordt geïntroduceerd, hoe beter.
  2. Bewaar het kluisje op een donkere plaats, uit de wind en bij een kamertemperatuur van 20-24C.
  3. De koningin die u heeft ontvangen zit in een gecombineerde kooi voor verzending en introductie. Het is niet nodig om de werkbijen te verwijderen. Aan één kant van het kluisje bevindt zich een voedselcompartiment met kandijsuiker. Vergeet niet de plastic verzegeling aan het einde van het kluisje te verwijderen alvorens de koningin te introduceren.
  4. De ontvangende kast moet moerloos zijn en uiteraard zonder koninginnencellen. Het kluisje moet in het midden van het broednest worden geplaatst. Plaats het kluisje tussen twee ramen met het suikerdeeg naar beneden.

De bijen in uw volk zullen het suikerdeeg opeten en de nieuwe koningin vrijlaten. Je kunt het kluisje  na vijf tot zes dagen controleren om er zeker van te zijn dat ze is vrijgelaten. Zoek niet naar de koningin. Zoek eventueel naar eitjes. De kolonie mag de komende 8-9 dagen niet gestoord worden.

Wilt u een kernvolk maken van een bestaande kolonie, volg dan de 8 stappen:

  1. Zoek de koningin en zorg ervoor haar in het oorspronkelijke volk te laten.
  2. Neem 4 of 5 ramen met bijen. 2-3 Ramen met verzegeld broed en 2 ramen met honing en stuifmeel.
  3. Plaats de ramen in de volgende volgorde: 1 raam met honing, 2-3 ramen met broed en 1 met honing en stuifmeel aan het uiteinde van je nieuwe volk.
  4. Verplaats het nieuwe volk 2-3 meter verderop. Hierdoor kunnen de oude vliegende bijen terugkeren naar hun oorspronkelijke kast, zodat alleen de jonge bijen overblijven in de nieuwe kast.
  5. Plaats het kluisje met koningin tussen twee raten met broed, 4-5 uur nadat de kast is samengesteld.
  6. Verwijder het deksel van het kluisje, zodat de bijen het suikerdeeg kunnen opeten en de koningin zelf kunnen bevrijden.
  7. Bij gebrek aan dracht is het een goed idee om de kolonie een beetje suikerwater te voeren.
  8. De nieuwe kolonie mag gedurende ten minste 8-9 dagen niet worden verstoord. In plaats van de bijen te verstoren om de koningin te zoeken, kunt u ook controleren op eitjes of jonge larven.

Een veilige introductie kan niet worden gegarandeerd !